Kringloopmest op Maat: wat akkerbouwers geleerd hebben van drie jaar werken met digestaat

08/01/2026

De afgelopen drie jaar hebben zes Groningse akkerbouwers binnen het project “Kringloopmest op Maat” ervaring opgedaan met digestaat. Het doel was om te onderzoeken hoe je deze meststof kunt toepassen in de praktijk, wat het betekent voor het gewas en de bodem en of je hiermee het gebruik van kunstmest kunt verminderen. De deelnemers hebben positieve ervaringen opgedaan met het gebruik van digestaat.

Ervaringen met digestaat

Binnen het project verzorgden Johannes van der Veen en Henk van Oosten de mestverwerking. Henk legt uit: ‘We scheiden de meststromen om mest op maat te krijgen. De dunne fractie zit vol mineralen en de stikstof is voor 80% direct opneembaar. Een super homogeen en betrouwbaar product.’ Ook haalt hij misverstanden weg: mono-mestvergisting is volgens hem een 100% schoonproduct. Digestaat ziet hij dan ook als een logische stap richting kringlooplandbouw.

Een van de projectdeelnemers, Thijs-Jan Hoving uit Nieuwe Pekela, werkte al langer met digestaat. In de proef paste hij de dunne fractie toe in zetmeelaardappelen, suikerbieten en zomergerst. Hij waardeert vooral de stabiele samenstelling en het gemak van uitrijden, waarbij de extra nutriënten en sporenelementen mooi meegenomen zijn. Het eerste jaar zag hij geen verschillen in groei of opbrengst ten opzichte van drijfmest met kunstmest.

Ook projectdeelnemer Gerald Maters uit Niekerk is positief. Hij gebruikt digestaat zelfs in zijn pootgoedteelt. ‘Door de verschillende scheidingstechnieken kun je een hele gerichte meststof uit een vergister halen.’ Hij begon eerst met het toepassen in graan met de dunne fractie, later in pootaardappelen met de fosfaatrijke dikke fractie. Bij beide teelten hield hij een perceel met kunstmest als vergelijk. Gerald zag nog weinig tot geen verschil in groei en opbrengst. Over de fosfaatwerking is hij realistisch: ‘Het fosfaatniveau is natuurlijk moeilijk te meten, want je weet niet of die in de bodem zit gebonden of ook daadwerkelijk vrijkomt voor je gewas. Maar ik denk wel dat dit geleidelijk vrijkomt’, is zijn ervaring.

Regelgeving bepaalt wat er kan

Regelgeving bepaalt in grote mate wat er in de praktijk mogelijk is bij het toepassen van digestaat. Dat merkt projectleider Minou Hegge ook. Volgens haar heeft het project waardevolle inzichten opgeleverd, maar kwamen er gaandeweg uitdagingen naar voren. Zo bleef de vrijstelling voor ammoniumsulfaat als kunstmestvervanger uit, waardoor er minder stappen richting kunstmestreductie konden worden gezet dan vooraf gehoopt. Daarnaast heb je simpelweg te maken met de praktijk, zoals het weer of bouwplannen die veranderen. Dit maakt het monitoren en het analyseren van de data moeilijker.

Minou ziet tegelijk dat de praktijkervaringen van boeren veel betekenis hebben: ‘De ervaringen laten goed zien wat digestaat kan betekenen in de verschillende gewassen. Agrarische ondernemers kunnen er mee uit de voeten en gewassen reageren er prima op.’ Met de recente ontwikkelingen rond RENURE ontstaan er meer kansen voor het gebruik van mestverwerkingsproducten als kunstmestvervanger.

Het project Kringloopmest op Maat is mogelijk gemaakt door Fascinating, LTO Noord, Cosun, Avebe, FrieslandCampina, Agrifirm en Nationaal Programma Groningen.

Gerelateerd nieuws